DAGUITSTAP : BERINGEN - MIJN-STREEKMUSEUM EN GENK, dinsdag 26 februari 2002
Ter bevordering van de economische wederopbouw van het land na de 2de wereldoorlog zette eerste minister .A. Van Acker de zgn. "kolenslag" in. (We herinneren ons zeker nog "Aziel zarbon"). Steenkool was toen de enige voorhanden zijnde energiebron.
In
1901 werd de eerste steenkool uit de Kempense ondergrond gehaald. Die ontdekking
leidde tot de oprichting van zeven steenkoolmijnen : Winterslag, Beringen,
Eisden, Waterschei, Zwartberg, Zolder en Houthalen.
Door een tekort aan Belgische kompels werd op ruime schaal beroep gedaan op buitenlandse werkkrachten, vooral Italië, getroffen door grote werkloosheid was bereid die te leveren (ongeveer 300.000). Wij brachten een bezoek aan het Vlaams mijnwerkersmuseum van Beringen. De be-zoeker beleeft er het verhaal van de mijnwerker en de mijnontginning. Vooreerst een sfeervolle onthaalfilm die leven en werken in en rond de mijn toont.
Enthousiaste
oud-mijnwerkers leiden de bezoekers rond en geven antwoord op vele vragen : "Hoe
ontstaat steenkool - op welke diepte - hoe worden de lagen opgespoord - de
verschillende boortechnieken, enz." Een spannend verhaal van hard labeur en
gevaar voor ondergronds water, mijngassen, ontplof-fingen, mijnrampen.
Bijvoorbeeld op 8 augustus 1956 kwamen bij een mijnramp in Marcinelle 262
kompels om het leven.
Een maquette met klank- en lichtspel toont de werking van de bovengrondse mijn. In de kelder werd een oude werkplaats gereconstrueerd. Op het einde van de jaren vijftig moest steenkool de concurrentie dulden van goedkopere energiebronnen. De laatste Limburgse steenkool werd op 30 september 1992 in Zolder bovengehaald.
Na een fijn middagmaal wenkten de torentjes van het
Oekraïens-Orthodox kerkgebouw. Het interieur oogt zeer
kleurrijk. Vooral de iconastase een kleurrijke wand die het altaar scheidt van
het schip, legt aan de hand van symbolen de leer van de kerk uit. De pope legde
veel nadruk op de overeenkomsten met ons geloof en hoe in de loop van de
geschiedenis de verwijdering is ontstaan. Zulke kerkgemeenschap is een
toevluchtsoord waar asielzoekers en emigranten zich een beetje thuis kunnen
voelen.
Verder stond er een bezoek aan Genk op het programma. Het is een dynamische stad met vele gezichten. Een bezoek aan de St.-Albertuskerk of mijnkathedraal in Zwartberg mocht niet ontbreken. Deze kerk werd ontworpen door architect Henri Lacoste (1939) en een leerling van Victor Horta. Het is een zaalkerk in gotisch-byzantijnse stijl met halfronde absis en massieve westertoren. Boven de doopkapel, een mozaïek in Venetiaans kristal, met beeld van patroonheilige. Onvergetelijk zijn de mijtervormige ramen in kristalglas van Val-St.-Lambert met afbeeldingen van de 12 apostelen, het bronzen altaar en paaskandelaar en Barbaratoren, het altaar met ciborium en doopvont eveneens ontworpen door architect Lacoste.
Voor zover de tijd nog overbleef een wandeling doorheen het shopping center naar het Molenvijverspark met een grote diversiteit aan zonnewijzers (enig in Europa). Jammer genoeg liet de zon ons in de steek en werd het vlug donker.
Samengevat : het was een rijkgevulde dag.
Moe, maar voldaan keerden we terug naar Leuven.
Gusta Van Damme