DAGUITSTAP NAAR DE HOGE VENEN, donderdag 28 maart 2002
Het vertrek met de
bus liep, ten gevolge van een grappig misverstand, een kwartier vertraging op.
Mon had op zijn lijst een damesnaam nog 'open' staan. Na wat wachten belt hij de
achterblijver op. Er wordt niet opgenomen. Hij telt de mensen op de bus nog eens
: dat klopt met de inschrijvingen! En dan blijkt dat de dame al op de bus zit !
Dan valt de frank, pardon … de euro. Ze had zich namelijk gemeld met de
achternaam van haar man, die al aangekruist was. Dus dames : meisjesnaam aan Mon
noemen bij het opstappen.
Wat een leider toch lijden kan, he Mon.
Voor die uitstap naar het hoogste punt van ons landje had Mon echter iets heel speciaals in petto. Hij vertelde me dat hij de week ervoor Frank Debosere 'op 't lijf' liep en dat die hem prompt een stralende dag beloofde voor de uitstap. Ge moet maar relaties hebben : volle zon. 't Kon niet meer stuk !
Rond 9u. komen we aan op de Botrange in het 'Centre Nature'. In afwachting van de filmvoorstelling neuzen we wat rond in het souvenir- en natuurproductenwinkeltje. Valère heeft toch wel weer gezien dat er een grote, lekkere rijsttaart tussen staat zeker !
Dan worden we in twee groepen gesplitst : de goei mogen naar
de cinema, de sl… d'ander goei naar 't museum.
Twee prachtige natuurfilms over fauna en flora in 't veen, heide en bos. We komen in 'the mood'…
Na de film stopt men ons in de teletijdmachine van Prof. Barabas en worden we zomaar eventjes 500 miljoen jaren teruggeschoten. Door de tijdentunnel wandelend, o.l.v. een bekwame gids, biologe, gaan we op zoek naar het verloren landschap van de Euregio Maas-Rijn, via de verschuivingen van de aardplaten, vanaf het Cambrium tot de laatste ijstijd. Daar staan we plots oog in oog met onze over-overgrootouders de homo habilis, homo erectus, homo sapiens, neanderthaler, de ganse familie. Eerlijk gezegd, ze komen er nog goed voor, voor hun leeftijd.
Na het eten (picknick) splitsen we ons in twee groepen o.l.v. twee gidsen. We wandelen over knuppelpaden (vanwaar toch die naam, de gids wist het niet, den dikke Van Daele weet het niet), door het veen onder een stralende zon. En we genieten … en we bewonderen : het veenmos, de veenbes, de rijsbes, het veenpluis en we staan stil bij 't pijpestrootje, bij de lork, de adelaarsvaren, de bevroren kikkerdril ….
Na drie uur wandelen steken we de voeten onder tafel in het restaurant in Eupen. En juist, met blozende wangen - hoe kon Mon dat weten op voorhand ? - en … een grollende beer. En 't was lekker.
Vinden jullie ook niet dat die nieuwe formule, warm eten vóór 't vertrek, voor herhaling vatbaar is ?
Pentekeningen van Paul Dequeker
Hubert