beginpagina

vorige pagina

Daguitstappen: LIER

Lier is een residentieel provinciestadje aan de Nete. Volgens Felix Timmermans "Waar de drie kronkelende Nethen een zilveren knoop leggen ...."

Het stadje is economisch niet erg belangrijk; de textielindustrie en de veeteelt die het ooit groot maakten zijn verdwenen. Dit verleden is echter terug te vinden in tal van monumenten en kunstwerken.

Het Lierse Vlaaike is een gastronomische specialiteit. Het zijn ronde taartjes gevuld met een taaie donkerbruine vla met een kruidige smaak. Het werd ons als welkom aangeboden.

Op onze ontdekkingstocht kwam de imposante Sint-Gummaruskerk op de eerste plaats. De toren, de "Peperbus" volgens de Lierenaars, domineert de stad. Het is terecht de trots van Lier (1425-1540) en een prachtig voorbeeld van Brabantse hoog-gotiek. Het is een schatkamer van kunst, met een indrukwekkend interieur. Het unieke kantwerk van het koordoksaal in witte zandsteen is een kathedraal in miniatuur met een gotisch torentje. De veertien staties van de kruisweg staan op een fries afgebeeld. Ook de zeven werken van barmhartigheid. Even opfrissen voor diegenen die ze zich niet meer herinneren : de hongerigen spijzen, de dorstigen laven, de naakten kleden, de vreemdelingen herbergen, de zieken bezoeken, de gevangenen verlossen, de doden begraven : ze zijn nog steeds actueel !

De preekstoel en de talrijke kunstwerken getuigen allemaal van de laat-middeleeuwse pracht en praal van de stad. De apostelbeelden uit de middenbeuk dateren uit de tweede helft van de 17de eeuw. Het zijn waarschijnlijk geschenken van rijke Lierenaars.

De kerk bewaart ook het kostbare reliekschrijn van Sint-Gummarus – 835 kg zwaar – dit wordt elk jaar meegedragen in de processie.

Verder nog mooie, waardevolle schilderijen waaronder de Colibrant-triptiek uit 1516.

De laat-romaanse Sint-Pieterskapel is het oudste gebouw van Lier uit de 13de eeuw. In 1914 werd de kapel vernield en weer opgebouwd na de eerste wereldoorlog.

De Lierse grote markt is de op één na grootste van België (alleen die van St.-Niklaas is groter) maar volgens de Lierenaars de mooiste.

Het gotische belfort uit 1369 beheerst de markt. Vroeger stond naast het belfort de lakenhal. Die werd in 1740 afgebroken en vervangen door het fijnbewerkte rococo-stadhuis.

Het interieur valt op met een vrijstaande houten wenteltrap, die in 1775 door een Lierse schrijnwerker werd vervaardigd. De zoldering van de hal is rijk versierd met rococo-ornamenten; schilderijen, mooie schouwen, luchters, tapijten, oude meubelen en kunstsmeedwerk verfraaien het interieur..

De geschilderde zoldering van de raadzaal is afkomstig uit het oude bisschoppelijke paleis van Antwerpen en stelt de deugden en ondeugden voor.

Daarmee was het voormiddagprogramma afgewerkt en wachtte ons in het hof van Aragon een lekker middagmaal.

’s Namiddags stond het begijnhof in de kijker : een beschermd monument en terecht werelderfgoed.

Het Lierse Begijnhof uit de 13de eeuw is een van de best bewaarde van het land. Langs een rijzige renaissancepoort treedt de bezoeker een heel eigen wereld binnen. Het is 2,5 ha groot en telt 162 kleine huisjes en 11 straatjes. De Begijnhofkerk (1664) is in Vlaamse Barokstijl gebouwd. De gevel stond wegens restauratiewerken in de steigers. Het was in deze oase van devote rust dat Felix Timmermans het verhaal situeerde : "De zeer schone uren van Juffrouw Symforosa begijntje". We maakten er op de autobus, dank zij een medereizigster, kennis mee.

Op de oude vismarkt wordt nog twee keer per week in open lucht vis verkocht.

Verder wandelend werd onze aandacht gevestigd op de Gevangenenpoort uit 1375 – de Zimmertoren – en de vesten; (een wandelpad van 4 km).

In het Hof van Gertruyen, thans het Timmermans-Opsomerhuis worden documenten, foto’s en schilderijen bewaard van de schrijver Felix Timmermans en de portretschilder Opsomer. Er is ook een zaal gewijd aan kunstsmid Lodewijk van Boeckel, Renaat Veremans, schrijver Anton Bergmans en kanunnik Jan David.

Lier heeft vele namen : Het Venetië van de Kempen, Pallieterstad, Lierke Plezierke, Schapenkoppenstad.

Het werd weer een aangename dag, spijts de gure wind, maar het bleef droog zolang we op stap waren.

Gusta Van Damme

vorige pagina

beginpagina