beginpagina

vorige pagina

DAGUITSTAP VEURNE-LO-BEAUVOORDE

Tussen de Ijzer en de gemeenten van de Weskust ligt een idyllische, landelijke streek. Een rijke streek op hetgeen eeuwen geleden een door zee overspoeld gebied was. De vruchtbare polders leveren er uitgestrekte weiden en bouwlanden. Romantische dorpen en gemeenten liggen er verspreid rond het belangrijk historisch centrum : Veurne.  Veurne-Ambacht wordt ook “Bachten-de-Kupe” genoemd. De “Kupe” is het laaggelegen gebied tussen de Noordzee en de Ijzer.

Jaques Brel maakte met zijn “Plat Pays” de streek onsterfelijk.

 De hoofdstad van Veurne-Ambacht is een leuk stadje met een rijk verleden, dat ons door de gidsen vakkundig uit de doeken werd gedaan.

We onthouden vooral de gezellige sfeer op de Grote Markt. Het is een van de mooie marktpleinen van Vlaanderen. De blikvanger is het fraaie stadhuis in Vlaamse renaissancestijl uit de 16e en 17e eeuw. Men treft in het interieur een fraai meubilair aan en een goudleren muurbekleding. Een geďmproviseerde kapel met historische brandglasramen en werk van de bekende Veurnese schilder Paul Delvaux. Eveneens in renaissancestijl is het gerechtshof.

Het voormalige landhuis van de Kasselrij Veurne werd opgetrokken tussen 1613 en 1621.

In het interieur trekt een fraaie schouw de aandacht. Wie Veurne zegt, denkt aan de beroemde boeteprocessie, die ten tijde van de Spaanse bezetting in het leven werd geroepen. Ze trok voor de eerste maal door de stad in 1644. Elk jaar op de laatste zondag van juli trekt de processie uit; ook nu nog een echte boetetocht, waarbij de monnikspijen met kappen en zware houten kruisen duidelijk verwijzen naar de traditionele uitingen van Spaanse godsvrucht.

Waarom Veurne altijd kunstenaars heeft aangetrokken, merk je zeer goed in het stadspark met beeldhouwwerken en in de St.-Walburgakerk. Van het oorspronkelijk vroeggotisch gebouw bleef alleen het koor bewaard.

Na een smakelijke warme maaltijd in een plaatselijke horecazaal werd het programma verder afgewerkt.

Eerst brachten we een bezoek aan Lo-Reninge. Lo is een vredig middeleeuws stadje met een rijk historisch verleden. Het wordt terecht de parel van Veurne-Ambacht genoemd. We bezochten de prachtige Hallekerk met haar rijke kunstschatten. Het was ooit een bloeiende stad in de schaduw van een statige Augustijnerabdij. Van die abdij bleef nog een duiventoren bewaard uit 1710 met 1132 nest(kastjes)hokjes. Ook de pastorie uit 1782.

Oorspronkelijk was Lo omgeven door een ruime stadswal met vier poorten, alleen de gerestaureerde gotische Westpoort uit de 14de eeuw bleef min of meer in haar oorspronkelijke staat bewaard. In de nabijheid staat de Caesarsboom, een oude taxusboom die nog leeft, ondanks het feit dat de holle stam werd dichtgemetseld en hij moest gestut worden.

Volgens de legende zou Julius Caesar zijn paard hebben vastgebonden aan deze statige boom.

 

Het programma werd afgerond met een bezoek aan het poëziedorp Wulveringem.

Wulveringem bezit het beroemde en toeristische drukbezochte waterkasteel Beauvoorde.

Het heeft een bewogen geschiedenis van bloei, verval en wederopbouw gekend.

Jonker Arthur Mergelinck werd in 1875 eigenaar van het kasteel. Hij restaureerde de gebouwen en legde er het sfeervolle Engelse kasteelpark aan. Het interieur richtte hij in met een unieke collectie kunstwerken en meubelen. In 1902 schonk Mergelinck, die kinderloos bleef, het kasteel en het park aan de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letterkunde.

Erfgoed Vlaanderen beheert het kasteel Beauvoorde sinds 1998.

Het werd nogmaals een geslaagde uitstap onder een stralende lentezon ! Dank u, Mon.

 Gusta Van Damme

vorige pagina

beginpagina