V.W. zijn documenten die competente personen in staat stellen om de aard van de medische hulp te bepalen die ze zouden willen krijgen of weigeren wanneer ze in een situatie zouden terechtkomen waarin ze niet meer in staat zijn om over hun gezondheid beslissingen te nemen.
Het document komt in werking op het ogenblik dat de betrokken persoon incompetent wordt. Het is een verlengstuk van de autonomie.
Voorafgaande wilsverklaringen zijn een middel om op het ogenblik van ziekte autonomie uit te drukken onder vorm van beslissingen, die eigen waarden en normen weergeven.
ER ZIJN DRIE TYPES VAN V.W. :
1. Voorafgaande richtlijnen (V.R.) : hier dient een onderscheid gemaakt :
- tussen voorafgaande beslissingen en voorafgaande wensen;
- tussen negatieve V.R. zoals een weigering voor behandeling en positieve V.R. zoals toestemming voor behandeling, vb. “doe al het mogelijke om me in leven te houden”.
V.R. kunnen zeer directieve instructies zijn : vb. “geen reanimatie als ik dementerend ben” of kunnen algemene waarden aangeven : vb.” geen levensverlengende ingrepen wanneer ik lijd aan een terminale ziekte”.
2. Voorafgaande machtiging aan een vertegenwoordiger : dit is de toestemming aan een ander specifiek persoon om de beslissing in zijn plaats te nemen wanneer hij zelf incompetent wordt (proxy directive). Het is een vertrouwenspersoon die de wensen en waarden van de betrokkene zeer goed kent.
3. Voorafgaande richtlijnen aan een vertegenwoordiger.
Beide types van voorafgaande wilsverklaringen kunnen met elkaar gecombineerd worden.
HOE IS DE SITUATIE IN BELGIE ?
V.W. zijn nog vrij onbekend, er zijn geen exacte cijfers beschikbaar. Een studie uit 1998 betrof 1925 sterfgevallen waarbij slechts 37,50 % (of 720) van de gevallen de arts bij betrokken was. Bij 20 % van die gevallen was er overleg over mogelijke levensverkorting.
Bij slechts 1,25 % was de arts op de hoogte van een V.W. en in slechts 0,4 % of 1 geval, speelde de V.W. een rol.
In de toekomst zal deze topic belangrijker worden omwille van de toenemende chronische en degeneratieve aandoeningen (hart- en vaatziekten, kanker, dementie). Zij zijn immers :
bij > 64 jaar voor 80 % doodsoorzaak
bij > 74 jaar voor 60 % doodsoorzaak.
Ook het stervensproces duurt langer.
O.W.V. de vergrijzing van de bevolking die toeneemt, nl. tegen
2025 :
31 % 60 plussers
10 % 80 plussers
wat ook meer dementie meebrengt.
O.W.V. de medische technologie zoals beademing, kunstmatige voeding ... en de medicalisering.
GESCHIEDENIS VAN DE VOORAFGAANDE WILSVERKLARINGEN
Het ontstaan valt samen met het meer centraal stellen van de autonomie en het betrekken van de patiënt in het beslissingsproces.
In 1976, in de V.S., lag het geval van Karen Ann Quinlan (1976) die op 22 j. in coma ging na inname van alcohol, medicatie en drugs en maandenlang aan een beademingstoestel lag. Haar ouders wilden haar laten sterven, de artsen weigerden en het ziekenhuis vroeg een juridische regeling. De Supreme Court oordeelde dat de ouders konden optreden als vertegenwoordiger van hun dochter en gaven de toestemming tot levensbeëindiging.
In het geval Nancy Cruzan (1983), die na een hoofdtrauma in coma ging en kunstmatig gevoed werd, kregen de ouders, na een juridische strijd van zeven jaar de toestemming van het hoog gerechtshof om de voeding stop te zetten omdat zij oordeelden dat Nancy daar zelf voor zou gekozen hebben. Dit gaf aanleiding tot het ontstaan van de “Natural Death Act”, waarin de patiënten moeten kunnen kenbaar maken welke medische zorgen ze wensen, zo ze incompetent worden.
In de jaren ’80 kwam het begrip van een vertegenwoordiger (proxy) in voege. In 1991 ontstond de “Patient Self-Determination Act”, waarbij ziekenhuizen hun patiënten bij opname moeten informeren dat ze het recht hebben medische zorgen te aanvaarden of te weigeren en dat ze het recht hebben een V.W. op te stellen. In de jaren ’90 kwam er ook meer controle over het eigen levenseinde (“assisted suicide”).
ARGUMENTEN VOOR V.W.
ARGUMENTEN TEGEN V.W.
De discussie kan ontstaan of de betrokkene wel wilsbekwaam was op het ogenblik dat hij de V.W. opmaakte. De interpretatie van de V.W. kan problematisch zijn : de V.W. kan enerzijds zeer specifiek zijn, doch tekortkomingen inhouden omdat vele hypothetische scenario’s niet zijn opgenomen, anderzijds kan de V.W. zo algemeen en vaag zijn, dat men moeilijk van een echte beschikking kan spreken. De snelle ontwikkelingen in de geneeskunde maken dat er reeds grote veranderingen in medische mogelijkheden kunnen ontstaan zijn tussen het ogenblik dat de persoon zijn levenstestament opstelt en het ogenblik dat dit relevant wordt.
VOORAFGAANDE MACHTIGING AAN EEN VERTEGENWOORDIGER
Een vertegenwoordiger kan meewerken aan de vertrouwensrelatie met de arts. Meestal gaat het om iemand uit de naaste omgeving. Het voordeel is dat diegene die nauw verbonden is, vaak weet wat best is en wat de patiënt zou wensen. Men spreekt dan van een vervangend oordeel, dat het beste met de patiënt voor heeft (best interests).
Toch houdt machtiging aan een vertegenwoordiger ook nadelen in: er worden hoge verwachtingen gesteld naar de proxy toe. De vertegenwoordiger wordt soms met moeilijke beslissingen geconfronteerd, met ernstige gevolgen, kan de verantwoordelijkheid soms niet dragen. Er kunnen vragen gesteld worden bij de competentie van de beslissing. Indien er verschillende proxy’s zijn kan dit leiden tot verschillende oordelen. Het oordeel kan inaccuraat zijn. Uit studies is gebleken dat de kwaliteit van het leven van de betrokkene vaak té negatief ingeschat wordt, dat sommigen achteraf spijt hebben van hun beslissingen, emotionele elementen kunnen een beslissing op eenzijdige wijze beïnvloeden. Men kan de belangen van de patiënt nooit loskoppelen van de eigen belangen van de proxy. Er dreigt gevaar voor misbruik van familieleden en voor de dictatuur van de autonomie.
Conclusie : voorafgaande machtiging aan een vertegenwoordiger kan een waardevolle leidraad zijn en sluit beter aan bij onze opvatting over de samenwerking arts-patiënt.
Een V.W. heeft juridische implicaties : een voorafgaande richtlijn, die een wens uitdrukt, is niet bindend. Een voorafgaande richtlijn die een verzoek of toestemming uitdrukt (vb. euthanasieverklaring) moet genuanceerder bekeken worden.
OMSCHRIJVING VAN DE V.W.
In de euthanasiewet (hfdst. III) is de wilsverklaring behandeld.
1) de voorwaarden: de betrokkene lijdt aan een ernstige of ongeneeslijke, door ongeval of ziekte veroorzaakte aandoening; betrokkene is niet meer bij bewustzijn en deze toestand is volgens de stand van de wetenschap onomkeerbaar.
2) de vormelijke vereisten: de wilsverklaring moet schriftelijk opgesteld zijn t.o.v. 2 meerderjarige getuigen van wie één minstens geen materieel belang heeft bij het overlijden van de patiënt; er kan eventueel een vertrouwenspersoon zijn aangeduid (doch dit is geen verplichting). De houdbaarheid van de wilsverklaring is 5 jaar en ze is steeds herroepbaar/aanpasbaar.
3) Verplichtingen van de arts m.b.t. tot de wilsverklaring: hij/zij moet een andere arts raadplegen over de onomkeerbaarheid van de medische toestand; deze toestand moet besproken worden met de leden van het verpleegkundig team; indien er een vertrouwenspersoon in de V.W. is aangeduid, dient het verzoek met hem besproken te worden; het dient ook besproken te worden met de naasten van de patiënt, die door de vertrouwenspersoon zijn aangewezen; tenslotte dient het resultaat van deze gesprekken genotuleerd in het medisch dossier.
Een voorafgaande weigering is in principe bindend: bij een actueel uitgedrukte weigering heeft de arts geen behandelrecht zonder geldige toestemming, bij een voorafgaandelijk uitgedrukte weigering is er juridisch geen verschil.
Rond voorafgaande machtiging aan een vertegenwoordiger bestaat er geen specifieke wetgeving. In andere landen heeft de gemachtigde vertegenwoordiger nergens het laatste woord.
Deze tekst is een zeer volledige en trouwe weergave van wat Dr. An Haekens ons in november, de maand bij uitstek rond bezinning over het levenseinde, bracht. Het onderwerp is zeer actueel, immers in het Staatsblad van 13 mei 2003 verscheen het formulier voor de wilsverklaring inzake euthanasie als eerste stapje in de richting van het levenstestament, doch dat is nog lang niet gerealiseerd.
Hartelijk dank aan Dr. An Haekens.